Hierbij nog even een verslag(je) van onze vakantie afgelopen september.
Op de laatste zaterdagochtend van augustus 2010 vertrekken we richting de Kanaaleilanden. Onze boot gaat pas dinsdag, dus we hebben heerlijk relaxed de tijd om onderweg nog iets te zien (en koffie te drinken langs Belgische snelwegen).
Onze eerste overnachtingsplek is Calais. Eenmaal daar is een hotel langs de kust snel gevonden. 's Middags en 's avonds lekker lui op het strand zitten turen naar de enorme hoeveelheid ferries richting Dover. Calais is nou niet echt de place-to-be, maar het strand maakt veel goed. Het staat werkelijk volgebouwd met houten strandhuisjes in alle soorten en formaten.

De eerste echte bunker die we tegenkomen is al half van de duin afgegleden. Wauw, dachten we toen nog, een echte bunker!

Zonsondergang op een verlaten strand, heerlijk!

De dag erna rijden we door richting Caen. We nemen de kustroute en komen al snel langs Le cap Blanc-Nez, met uitzicht op de Engelse krijtrotsen.

Terwijl het weer begint te betrekken, komen we over Le Pont de Normandie - de welbekende brug die uitermate geschikt is voor mensen met hoogtevrees (met samengeknepen billetjes over de brug!). Foto's naar de zijkant geven toch niet dat echte oh shit!-gevoel, dus we maken er vanachter de voorruit maar iets arty-farty's van

Eenmaal in Caen aangekomen zijn we volledig in Frankrijk. Er is een markt met tonnen knoflook en uien en onze Thomas McThomas (de koosnaam die onze boordcomputer heeft overgehouden na de laatste Schotland-trip) houdt daar uiteraard geen rekening mee. Het vinden van de Informasjon Toeristiek is dan ook een behoorlijke uitdaging. Gelukkig is het nog vroeg in de middag en hebben we alle tijd. Aan het eind van de middag toch een schattig hotelletje gevonden met een HUGE kamer midden in het centrum! Aangezien we wel even genoeg hebben van al die drukte lopen we een klein rondje om Château de Caen en al snel daarna strijken we neer op een pleintje om crêpes te eten en Australisch bier te drinken. Connaisseurs die we zijn!

Al vroeg worden we 's ochtends wakker van de TVR's die langsdendert, een soort elektrische bussen die op een tramrails rijden. Na een echt Frans ontbijt besluiten we om een rondje D-Day te doen vandaag. Langs alweer de kust rijden we door diverse dorpjes die allemaal hun eigen tank hebben. Eerste echte stop is
Batterie de Longues-sur-mer, een goed bewaarde batterij die aan de talloze gaten en schade aan het beton te zien goed is geraakt. Maar de kanonnen zijn - in diverse staten - nog wel allemaal te bezichtigen.


We vervolgen onze weg richting Arromanches, waar de restanten van Mulberry Harbour te zien zijn, een door de geallieerde troepen kunstmatig aangelegde haven. Moeilijk voor te stellen dat langs deze prachtige kust zo hard is gevochten.



Natuurlijk moet je er aan geloven - Normandy American Cemetery and Memorial. Na de redelijke rust van de slaperige dorpjes met een kleine herdenkingsplaquette voor een Schotse divisie aan een muur, een krans bij een monument en de soberheid van het Canadese gedenkcentrum doet dit ons heel over the top aan. Voordat we het bezoekerscentrum binnen mogen, worden we uitgebreid gefouilleerd, tassen door de scanner etc. Het lijkt wel of we op een zwaar beveiligde vlucht mee moeten. Indrukwekkend zijn het centrum en de begraafplaats zeker wel, maar de uber-Amerikaansheid die er aan hangt wordt ons een beetje te veel.



's Middags rijden we door naar Saint-Malo. We volgen de verkeersborden die ons richting een interessant hotel leiden waar we 2 nachten boeken. Het ligt een paar minuten wandelen van de oude, ommuurde stad op een rundown industrieterrein. De enorm aardige eigenaars spreken 2 woorden Engels, wij 2 woorden Frans maar wat een schatten van mensen. Ook worden we begroet door een uit de kluiten gewassen Sint Bernhard, en in de bar/ontbijtruimte wordt de communicatie nog lastiger door een voliere vol schel schaterende vogeltjes. We besluiten om nog even rozig uit te zakken in de oude stad, waar we in een piepklein reggaekroegje terecht kwamen, met 4-persoonsterras. Aanrader!



Vandaag tijd voor Tourist Trap #2: Mont Saint-Michel. Alhoewel het voor ons vroeg in de ochtend is, geen hoogseizoen en doordeweeks is, blijkt de parkeersplaats al aardig vol te staan. We willen eigenlijk niet weten hoe het hier in Juli is! Het is wel een schitterend eiland en klooster, het lijkt er wel een uit een computerspelletje (voor de WoW-kenners: wij vonden veel associaties met Scarlet Monastery

).

Voor ons ook een uitdaging, want we proberen altijd zo min mogelijk mensen op vakantie-foto's te zetten! Zie hieronder wel een geslaagd resultaat - alhoewel we er even op moesten wachten!

Ook hier speelt hoogtevrees mij weer parten, gelukkig is manlief nog zo stoer om even over het muurtje een foto naar beneden te schieten

En over het weer, tja, niets te klagen


's Middags hebben we zin in een lekkere luie middag, gelukkig is Saint-Malo daar ook zeer geschikt voor! We lopen een rondje over de muur die om de oude stad ligt en smeren nog maar een keer de schoudertjes in met zonnebrand.


's Avonds komen we terecht in de meest bizarre kroeg die we ooit bezocht hebben, La Java. Een soort 189e eeuwse kermis-attractie op zijn best. Geen barkrukken maar schommels en de hele kroeg is volgepakt met poppen, kitsch en absurde prenten. Betalen moet in Zorro's, maar euro's accepteren ze gelukkig ook. Ook de wc is op zijn minst opmerkelijk te bereiken: via een biechtstoel. Toffe kroeg, leuke afsluiter van onze tijd in France!
's Ochtends (te) vroeg staan we op en gaan we eindelijk met de boot naar overen. Gek gevoel dat we al een halve week op vakantie zijn, normaal begint ons vakantiegevoel altijd op de boot. Eenmaal aangekomen op Jersey slaat de schrik ons om het hart: is dit het getting-away-from-it-all eiland? St Helier is enorm druk, dus we rijden hier zo snel als het kan met de files door de stad heen. Dit is ook het enige wat we van St. Helier gezien hebben, wij vinden het geen aantrekkelijke stad om eens lekker doorheen te slenteren.
Eerste stop om even de benen te strekken is een kleine baai waar we op ons gemak een lading leuke stenen verzamelen. Aangezien de maag begint te knorren (Franse ontbijtjes zijn nou niet bepaald voedzaam) tuffen we een stukje door naar St Catherine's breakwater. Hier zit een leuk tentje met full English breakfast, yummm! We voelen ons weer helemaal thuis.

Hierna besluiten we naar de dierentuin, Durrell, te gaan. Veel stellen we er ons niet van voor op een klein eiland, maar dit overtreft onze verwachtingen van oversized kinderboerderij. Een deel lijkt wel op de Apenheul met los slingerende apen in de bomen. Verder veel kikkers, amfibieën, en een hal met vleerhonden. Dit is echt een volledige dierentuin, waar we de rest van de dag rondstruinen. De schildpadden die de Great Escape naspelen, zijn onze favoriet!




We rijden een stukje over het eiland, aan de zuidkant langs een prachtige baai met een weg die qua drukte meer weg heeft van de A10 tijdens de spits. We staan hier bijna 3 kwartier in de file.. Voor een klein eiland als dit is er enorm veel verkeer, wat een drukte hier. Gelukkig blijkt dit, naast hoofdstad St. Helier, het drukste stukje Jersey te zijn. De rest van de vakantie hebben we dit deel dan ook zo veel mogelijk vermeden.
Aan het eind van middag gaan we richting B&B, centraal op het eiland, waar we inchecken. Veel is er hier niet te doen, er is welgeteld 1 kroeg waar we ook een hapje eten. Al snel maken we kennis met de vlotte eigenaresse Annet, de stamgasten en de gedeprimeerd uitziende kok, Iain. Alhoewel hij nooit door de voorrondes van Masterchef zou komen, is hij wel inspiratie voor manlief's tekentalent.

Na een fantastisch ontbijt gaan we richting het stille noord-westen van het eiland. De Kanaaleilanden zijn in WOII lange tijd bezet geweest door de Duitsers. De Kanaaleilanden zijn volgebouwd met verdedigingswerken, omdat de bezetters hadden gehoopt op een tegenaanval van de Engelsen. Dit was echter niet het geval, aangezien er begin van de oorlog al in het geheim besloten was dat de eilanden geen strategisch belang dienden. Doordat hier nooit is gevochten zijn veel van de bouwwerken nog in redelijk tot goede staat. Zo ook Battery Moltke, waarvan de kanonnen na de oorlog wel in zee gedumpt zijn, maar in de jaren 90 weer zijn opgevist en hersteld in oude staat.

Verder langs de kliffen komen we bij Le Pinnacle.

En nog even verder een gebouw wat de hele wandeling al in zicht is, een Duitse uitkijktoren waarvan er meerdere staan over de Kanaaleilanden verspreid.


Dat dit deel geen fijn stukje kust is, blijkt wel uit het woelige water wat tegen de kliffen aan beukt. Naar beneden vallen hier is geen goed plan, maar het is wel een mooi uitzicht voor een picknick!


De overblijfselen van Castle Grosnez is ook een bezoekje waar, alhoewel alleen de poort nog intact is. Verder is er niet veel van over.

Meer landinwaarts lopen we over de heide terug richting de auto, die ongemerkt iets verder staat dan gedacht.


Na een late lunch bij Jersey Pearl bezoeken we nog het Channel Island Military Museum, gevestigd in een oude bunker. Groot is het niet, maar de ruimtes staan tjokvol objecten uit de Tweede Wereldoorlog. Bijzonder is de expositie over de oude Duitse bunkercommandant, die 50 jaar na de oorlog terugkwam en ontdekte dat 'zijn' bunker nu een museum was. Hij is nu benoemd tot ere-gast.

In het toiletgebouw naast de bunker vind ik nog een verdwaasd insect, die we buiten maar lekker hebben vrijgelaten. Gratis openbare toiletten hier zijn talrijk, om de zoveel honderd meter komen we ze tegen en allemaal brandschoon en goed onderhouden met een zeepdispenser/kraan/droger in 1. Super!!!

Na een wandeling over het strand rijden we een stukje verder langs St. Ouen's Bay en komen bij La Corbière. Bij het plaatselijke restaurant strijken we neer op het terras, met prachtig uitzicht op de vuurtoren.

's Avonds hangen we lekker rozig en verbrand in de lokale kroeg. De salade bij het eten is helaas niet al te vers meer en zal ons 's avonds behoorlijk opbreken (kwam echt niet door de

hoor!)
's Ochtends worden we langzaam wakker door de vliegtuigen die best laag over komen vliegen. Gelukkig vliegt er hier 's nachts en 's ochtends vroeg geen verkeer, dus het is een goed excuus om aan te schuiven voor alweer een geweldig ontbijt. Van Sara vernemen we dat ze de ambitie heeft om met een vriendin een soort 2 Fat Ladies op de BBC te gaan presenteren, haar kookkunsten heeft ze in ieder geval - nu de zendtijd nog!
Vanochtend gaan we eerst richting Höhlgangsanlage 8, beter bekend als de Jersey War Tunnels. Dit is een enorm ondergronds tunnelcomplex, door slavenarbeiders in opdracht van de Duitsers gebouwd. Geen foto's hier, aangezien al onze aandacht wordt opgeslokt door de tentoonstelling. Een goede mix van algemene WOII geschiedenis, lokale bezetting, machteloosheid van de eilanders, gruwelijke verhalen, maar ook de menselijkheid van Duitse soldaten waarvan de meeste hier ook niet voor hun lol zaten. Mooi gedaan!
Aan de deur hangt een waarschuwing: draag warme kleding. Alhoewel het buiten zweten is, ben ik blij dat ik een lange broek aan heb en mijn korte broek in de auto heb laten liggen. In de tunnels is het zo'n 15 graden en van de atmosfeer die er hangt krijg je het niet bepaald warm.
Na een paar uur komen we weer bij de uitgang en besluiten we lekker zon en strand op te zoeken. We gaan noordwaarts richting Greve De Lecq. In tegenstelling tot St. Ouen's Bay waar we gister een lading jonge surfers zagen, is dit meer een strand voor de rustzoekende oudere. Totaal niet verkeerd! We settelen onszelf op een rots en liggen lekker lui in het zonnetje te genieten van de omgeving.

Na een tijdje hebben we het hier wel weer gezien, het lokale eethuisje zit stampvol dus we vertrekken oostwaarts om ergens te gaan eten. We komen via een imposant haarspeldcircuit uit bij Bouley Bay. Hier is het heerlijk eten op het dakterras van het Waters Edge Hotel. We dalen nog een stukje af naar het kiezelstrand en onder het genot van een ijsje is het hier ook heel goed uit te houden! We voelen ons bijna een beetje bezwaard, in Schotland houden we er van om veel te doen, te wandelen, maar hier is het gewoon heerlijk om weg te zijn uit de dagelijkse stress en met je voetjes in de zee in het zonnetje te liggen, niets te doen.


Aan het eind van de middag gaan we weer richting het relaxte surfstrand van St. Ouen's Bay. Je zit hier recht onder de aanvliegroute van het vliegveld en met grote regelmaat komen er vluchten binnen. Mooi om te zien.

Aangezien het eten gister niet zo lekker is gevallen, gaan we op zoek naar eens iets anders dan de dorpskroeg, waar we later die avond nog wel zullen uitkomen. We besluiten om de strandtent van St. Ouen's Bay over te slaan, een wachttijd van meer dan 30 minuten voor alleen al een tafeltje is ons iets te lang met een knorrende maag. We komen weer uit bij het restaurant bij La Corbière, en diner met zo'n uitzicht is zeker niet verkeerd, toch?

We worden wat katerig wakker - de kroeg was gisteravond erg gezellig! Wat een maffe figuren in dit dorp hier, rijp voor een Britse comedyserie - are you local?
Vanochtend maken we eerst een wandeling om Val de la Mare Reservoir, een stuwmeer waar een deel van het drinkwater van Jersey vandaan komt. Op veel plekken zien we cirkels in het water ontstaan, een teken dat er lucht door het water wordt gepompt om het water in beweging te houden. Zwemmen en honden ten strengste verboden! Het is een mooie wandeling door bos, onder de stuwdam door weer terug naar boven langs het meer.



We vervolgen onze weg richting kriskros over het eiland om maar weer eens strand te gaan wandelen. Bij Gorey op het strand aan de oostkust hebben we weliswaar mooi uitzicht op Mont Orgueil castle, maar het zand is hier scherp als glas en geen aanrader voor blote voeten.

En dan.. maar weer terug om te relaxen op ons favoriete strand van St. Ouen! Heerlijk luieren en kijken hoe de surfers zich door/over de golven bewegen.


We proberen nog een stuk over het eiland, maar door de verkeersdrukte is dat hier geen pretje. Ook begint vandaag Jersey Live, een groot festival waardoor veel wegen zijn afgesloten en het nog drukker is.
We hebben nog wat tijd over voor het Pallot Heritage Steam Museum. Een grote hal vol met de meest uiteenlopende dingen, stoommachines, oude auto's, landbouwwerktuigen, muziekinstrumenten, en buiten zelfs een heuse spoorbaan. Onze opa's zouden hier enorm van genoten hebben, en wij vinden het stiekem ook wel erg leuk, lekker kneuterig met die keiharde hammondorgel muziek die door de hal heen schalt.



Als laatste bezoeken we de Faldouet Dolmen, een eeuwenoud graf.

Onze laatste avond brengen we weer door bij Annet in de kroeg, die ons vertelt dat Guernsey, waar ze vandaan komt, nog meer auto's heeft - meer wielen dan inwoners. We vrezen het ergste.
Na ons laatste superdeluxe ontbijt nemen we afscheid van Victoria en Sara. Twee Kiwi's die hier een B&B hebben gestart, en zeker niet onverdienstelijk. Villa D'Oro is een echte aanrader als je Jersey wilt bezoeken, het ligt centraal, rustig, de kamers zijn groot en schoon en het ontbijt is yumm!
En dan is het tijd voor Guernsey! Eenmaal aangekomen parkeren we de auto aan de haven. Het is nog net ochtend en Cornet Castle aan de haven schijnt de moeite waard te zijn om te bezoeken. Het is een mooi kasteel met, net zoals vele oude gebouwen hier, aangebouwde betonnen stukken als herinnering aan de Duitse bezetting.

We slenteren lekker langs de haven en komen uit bij het Guernsey Aquarium en La Valette Underground Military Museum, beide gevestigd in (alweer) tunnels. Deze tunnels deden dienst als brandstof-opslag voor de onderzeeboten.

Als de avond begint te vallen gaan we richting hotel. We hadden oorspronkelijk via internet een ander hotel geboekt. Vlak voor vakantie kregen we een brief dat de eigenaar zijn oude hotel had verkocht en een nieuw hotel aan de kust had betrokken. We waren gratis overgeboekt, en hoefden niets extra's te betalen. Enige punt was dat we in plaats van een 'laid back bikers hotel' terecht kwamen in een oudevandagen all-in hotel.. Bij het diner blijken we veruit de jongsten te zijn, voorderest veel grijze koppies en nette Engelse accenten. Oh dear! En de kamer, tja, na een redelijk moderne kamer met flatscreen hebben we nu een smashin' 70's tv!

Vandaag besluiten we na het ontbijt, geserveerd door uit diverse Oostblok-landen afkomstige dames, richting het eilandje Sark te gaan. Het weerbericht voorspelt niet veel goeds, maar we gokken het erop. Tijdens de overtocht wordt het steeds bewolkter en eenmaal op het eiland hebben we de keuze om te wandelen, fietsen te huren of met paard-en-wagen het eiland over te gaan - Gemotoriseerd vervoer, op tractoren van de bevolking na, is op Sark niet toegestaan. Aangezien de regen dreigt, besluiten we voor de laatste optie te kiezen, achteraf gezien een prima keuze! Op de wagen kijk je prachtig uit over de vele hagen die langs de wegen staan en die wandelaars en fietsers het uitzicht ontnemen.

Ook als het even later begint te gieten en de onverharde wegen veranderen in modderstromen zijn we maar wat blij dat we lekker onder een dekentje voor op de bok zitten. Onderweg stoppen we bij een tuinencomplex, maar het is ook mogelijk om richting Window in the Rock te gaan, een uitkijkpunt uitermate geschikt voor de medemens met hoogtevrees




Sark is vooral beroemd om La Coupée, de verbinding tussen Greater Sark en Little Sark. Op de foto's komt het toch niet zo indrukwekkend over, maar toch een poging:




Na de tocht per paard schuilen we in een tea room en na een bezoekje aan het lokale, piepkleine museum wachten we in de stromende regen op de boot terug. Eenmaal terug op Guernsey wacht ons een heerlijk warm bad in het hotel, en warmen we na het diner nog even door aan de bar.
De volgende dag tijdens het ontbijt probeert de zon door de wolken te breken, jammer dat we de beroerdste dag hadden uitgekozen om naar Sark te gaan. We rijden een stukje eiland rond en als je single tracken in Schotland leuk vindt, moet je zeker op Guernsey eens rijden!

Alhoewel op Guernsey de auto-dichtheid een van de hoogste van Europa is, is het eiland toch redelijk rustig, zeker vergeleken bij Jersey. Valt ons 100% mee in ieder geval.
Op Guernsey zijn verschillende bunkers en torens uit WOII te bezoeken op een bepaalde dag in de week. Vandaag is de 10.5cm kazemat bij Fort Hommet open voor publiek. We bezoeken eerst het fort, en maken een korte wandeling langs de kust. Ook Fort Hommet is van ver voor de Tweede Wereldoorlog, maar hier is vooral heel goed te zien wat voor betonnen uitbouwen onze Oosterburen hebben gebouwd. In moderne huizenprogramma's zouden ze dit waarschijnlijk zien als goede waardeinvestering.


In de kazemat krijgen we een goed - en benauwd - beeld van hoe het hier geweest moet zijn. Veel spullen die na de oorlog zijn verstopt of gedumpt, zijn weer hersteld in oude glorie. Tot op de dag van vandaag worden nog steeds oorlogs-gerelateerde voorwerpen gevonden en tentoongesteld. Zo ook in deze verdedigingsbunker, waar goed te zien was hoe het nou eigenlijk in zijn werk ging als je hier zou werken 60 jaar geleden.


Na een hapje te hebben gegeten rijden we richting Lihou Island. Dit is een eiland alleen te bereiken met eb, en niet zonder gevaar. Vorige maand zijn hier nog 2 mensen omgekomen toen ze verrast werden door de opkomende vloed. We gokken het er niet op.
Het verschil tussen eb en vloed hier is enorm, en zorgt elk jaar voor een paar dode toeristen. Lijkt het op de eerste foto alsof je zonder problemen even over de rotsen naar de overkant kan lopen, ziet het er even later uit zoals op foto 2. En het komt nog met een behoorlijke stroming binnen ook!


Ook in St. Peter Port is het tijdeverschil mooi te zien.


Het plekje aan de kust bij Lihou island bevalt ons wel, prachtig uitzicht en lekker rustig. Ook hier staat weer een uitkijkpost, gewoon bij iemand in de achtertuin

Na een goed potje vliegtuigspotten bij het vliegveld waar alleen kleine vliegtuigjes landen, gaan we zoetjesaan weer richting hotel voor diner, bad en een drankje voor het slapen gaan. Het diner is hier ook heerlijk ouderwets, de aardappels en 4 verschillende groenten worden met liefde uit schaaltjes door de bediening op je bord geschept. Zelfs de HP sauce bij het ontbijt wordt door de ober uit een verzilverd schenkertje op je bord gegoten

Na weer een goedverzorgd ontbijt kiezen we er voor om het eiland Herm over te slaan. Het weerbericht voorspelt weer regen en we willen ook hier heel graag de ondergrondse tunnelcomplexen bezoeken. Dat dat makkelijker gezegd is dan gedaan blijkt wel als we de ingang niet kunnen vinden. Heel goed verstopt op een achteraf-weggetje.

Eenmaal binnen is dit in schril contrast tot de opgeknapte Jersey tunnels. De tunnels op Guernsey hebben geen flashy informatiebordjes, zijn vochtig, klam, koud, donker. De oude bedrading en pijpleidingen zijn nog zichtbaar, de bovenleidingen begroeid met varens. Het licht is schaars en juist omdat dit zo sober is is het des te 'enger'. Je fantasie en inbeeldingsvermogen doen de rest. In deze tunnels zijn ook Duitse gewonden van D-Day verzorgd. Toen al was het net zo klam als het nu is, het is heel moeilijk voor te stellen.. Bij de ingang krijgen we een ticket die bij de uitgang weer moet worden ingeleverd, geen overbodige luxe. Het is hier een doolhof, met een paar doodlopende , onafgemaakte tunnels. Hieronder een 'kleine' foto-impressie - verreweg het meest bizarre bouwwerk wat we ooit bezocht hebben, dit heeft bij ons heel veel indruk achtergelaten.










Als we na enkele uren weer bovengronds komen, lopen we naar een andere echte, iets luchtigere bezienswaardigheid op Guernsey. De Little Chapel. Deze kapel is geheel gebouwd met scherven, schelpen en steentjes. En wedgewood

Ohja, en Little is 'ie zeker!



Op de eilanden komen we ook heel veel stalletjes langs de weg tegen met lokale producten. Zin in een picknick en supermarkt dicht? geen probleem!

De wolken drijven over en de zon begint te schijnen. We hadden vernomen dat vandaag een van de oude Duitse uitkijktorens bij Pleinmont open is voor bezoekers, en aangezien we op Jersey en Guernsey al verschillende van deze torens zijn tegengekomen lijkt het ons interessant om er 1 van binnen te zien. Dat is het zeker! Er is hier nog een rangefinder te bedienen, een apparaat waarmee de afstand van (vijandelijke) schepen te meten was.






Ons bezoek aan de Kanaaleilanden valt samen met de herdenking van de Battle of Britain, iets wat hier nog heel erg leeft. Elk jaar vindt er een grote airshow plaats, dit jaar nog een stukje groter in verband met de 60e herdenking. Aan het eind van de middag gaan we naar Meet the Pilots, een bijeenkomst op het vliegveld waar sommige van de airshow vliegtuigen te bekijken zijn en je een praatje kan maken met de bemanning. Enorm leuk om die kisten eens van dichtbij te zien.


's Avonds na het eten liggen we er vroeg in, het was een lange maar indrukwekkende dag geweest.
Deze morgen is het hele eiland in opperbeste stemming, de dag van het Battle of Britain Air Display. We besluiten om de auto bij het hotel te laten staan en lopend richting St. Peter Port te gaan vanwege de verwachte drukte. Als we in het stadje aankomen blijkt dat het een gekkenhuis is. We zoeken een mooi plekje op de pier en wachten geduldig in de zon tot de airshow gaat beginnen. Het is het wachten meer dan waard, met als hoogtepunt de Red Arrows.



's Middags wandelen we door St. Peter Port, shop till we drop (hemel op aarde, alles is hier een stuk goedkoper dan bij ons) en wandelen nog wat langs de haven voordat we op een terrasje aanschuiven. Door het tijverschil hebben de jachthavens hier speciale 'drempels' die er voor zorgen dat de boten niet droog komen te liggen.

Met uitzicht op Herm.

We nemen de bus terug (ons hotel ligt een steile heuvel op en met een biertje in de benen wagen we het er niet op) en na een warm bad en schone kleren schuiven we aan voor ons laatste diner. Morgenmiddag gaat helaas de coole catamaran weer terug richting vasteland.

De ochtend van inpakken, uitchecken en nog een laatste rondje eiland. Zowel aan de zuidkust

als de noordkust komen dikke wolken alweer binnendrijven.

We hebben het echt prima getroffen met het weer afgelopen vakantie! Eenmaal op de schommelende boot naar Frankrijk worden we nog een keer vaarwel gezegd door de zon

Als we weer terug zijn op het Franse land proberen we zo lang mogelijk richting noorden te rijden, maar de donkere snelwegen worden ons iets te eng. Rond middernacht checken we in in een snelweghotelletje en de dag erna rijden we in 1 ruk terug naar onze fotogenieke schatten die we eigenlijk wel het meest gemist hebben afgelopen weken

